Keuze en vaststelling

Wat speelt er bij de keuze van nieuwe namen en hoe kom je tot vaststelling?

Oorspronkelijk bestond elke naam uit woorden en klanken die eigen waren aan de taal van de bewoners van het gebied. Later nam men ook wel eens namen over. Afgelegen streken werden niet zelden Spitsbergen of Amerika genoemd. De meeste moderne namen bestaan uit een kern en een of meer toelichtende stukjes. Toen de gemeente Steenwijk werd samengevoegd (2001) met Brederwiede en IJsselham ontstond een gemeente die eerst (tijdens de ARHI-procedure) als Steenwijk op papier stond, maar sinds 2003 Steenwijkerland heet. Het “land rond Steenwijk” dus. Voor iedereen is het het eenvoudigst dat met een normale beheersing van het Nederlands een naam correct kan worden gespeld. Zeker bij namen van woonplaatsen en adressen is dat handig, want je tikt zo’n naam dan zonder problemen in op je routeplanner. Toen in 2006 de gemeente Teylingen ontstond, koos de raad echter niet voor het eenvoudiger *Teilingen, maar voor een (historische) spelling van de naam van het oude slot waar Jacoba van Beieren op woonde in de buurtschap Teijlingen.

Bewoners van een gebied (en anderen) zullen enerzijds begrip hebben voor het argument “eenvoudige spelling”, maar anderzijds graag een naam willen hebben die een historische of chique uitstraling heeft en goed klinkt.
Ongetwijfeld zullen de inwoners van Aerdenhout de naam niet willen inruilen voor *Aardenhout. De Bossenaren houden ook van ’s Hertogenbosch en Zutphen is vast blij dat het geen Zutfen is gebleven. Oude namen hebben een traditie, die hebben een eigen spelling. Wanneer zo’n naam veel wordt gebruikt, dan kent iedereen op den duur het woordbeeld en blijven spellingfouten dan wel dikwijls uit. Elke naam moet dan apart worden “geleerd”. Nieuwe namen worden soms echter ook archaïsch gespeld. Marketingargumenten, iets met “ck” of “ae” staat chiquer en verkoopt betervindt men dan, wegen vaak zwaarder dan cultureel erfgoed of schrijfpraktijk.

De Adviescommissie aardrijkskundige namen in Nederland hanteert bij het kiezen/beoordelen van een (nieuwe) gemeentenaam een aantal criteria. Ook voor andere aardrijkskundige namen zijn ze van belang.

Vanaf 1 december 2010 is de nieuwe website van de commissie toegankelijk. De belangrijkste teksten uit deze brochure kunnen ook digitaal worden geraadpleegd: www.plaatsnamenadvies.nl Door op de tekstregels in het blauwe bord rechts te klikken wordt de tekst of het contactformulier op het scherm zichtbaar. In de toekomst zal de site worden geactualiseerd met uitgebrachte adviezen, nieuwe regelingen, aanvullende informatie enz.


Criteria nieuwe namen
 Bij voorkeur wordt de naam vastgesteld in de huidige spelling
 De naam mag nog niet zijn vastgelegd in namen-/merkenregisters
 Maak geen aaneenrijgende constructienamen (met of zonder streepjes)
 Sluit aan bij de historie/historische geografie van het gehele gebied
 Vermijd gevoeligheden door bij voorkeur een geheel nieuwe (gemeente) naam te kiezen en geen bestaande naam te “promoveren”
 Vermijd constructies met delen van vroegere namen
 Slechts bij samenvoeging van een aantal kleine kernen bij een grote is er minder bezwaar dat de “grote” naam wordt gekozen
 Een nieuwe naam moet niet te veel lijken op een andere aardrijkskundige naam in Nederland en wijde omgeving
 De naam mag geen negatieve of negatief aan te voelen connotaties hebben


Draagvlak
Voor alle namen is het van belang dat er voldoende draagvlak is. Het uitschrijven van een prijsvraag kàn mooie namen opleveren. In de praktijk blijkt dat veel inzendingen echter onbruikbaar zijn en dat afwijzingen een negatief effect hebben op het draagvlak voor elke vervolgens voorgestelde naam. Bij het kiezen en implementeren van namen is het verstandig om alternatieven aan de hand van praktische criteria te toetsen en de bevolking vervolgens goed te informeren. Daarna kan men beargumenteerd en open in discussie treden (eventueel met een referendum).

Nederland – het is een uitzondering op wereldschaal – kent geen regels voor de spelling van aardrijkskundige namen. Als een naam een keer door een gemeente is vastgesteld is die “goed”. In het verleden spelde men vaak zoals op dat moment gewoon was. Sommige namen zijn aangepast aan veranderende gewoontes, andere niet. Dat maakt het juist spellen dikwijls lastig.

 

Informatieve sites / boeken


Er zijn verschillende publicaties waarin aandacht wordt besteed aan achtergronden, rol en functie van aardrijkskundige namen. Op internet is veel informatie beschikbaar die met behulp van zoekprogramma’s kan worden geraadpleegd. Enkele sites springen in het oog: www.metatopos.org biedt een overzicht van gemeentenamen en nederzettingsnamen. Veel meer informatie verstrekt www.plaatsengids.nl waarin dikwijls ook de ontwikkeling van gemeenten – en de namen ervan – kort wordt beschreven. Ook actuele zaken rond aardrijkskundige namen in Nederland worden daar dikwijls vermeld. In boekvorm is er “De Topografische Gids van Nederland” (F. van den Hoven, 1998). Met betrekking tot de (huidige) stand van zaken van de topografie is er www.kadaster.nl en voor informatie op historisch terrein kan www.watwaswaar.nl worden geraadpleegd. Achtergronden van specifieke namen en bestanddelen van namen vindt men via www.meertens.knaw.nl, dan onder databanken aanklikken: “Namen en naamkunde in Nederland en elders”. Een repertorium van de Nederlandse gemeenten (1812-2006) is in boekvorm verkrijgbaar en digitaal beschikbaar (zie www.knaw.publicaties). Ook zijn er lijsten met oudere nederzettingsnamen behorend tot vroegere gemeenten (zie www.forum.archieven.org). Een eenvoudige inleiding op aardrijkskundige namen is “Namen op de kaart” (R. Reinsma, 2009).”Nederlandse plaatsnamen, herkomst en historie” (G. van Berkel en K. Samplonius, 3e druk, 2006) beschrijft en verklaart een groot aantal nederzettingsnamen. Ook Fryslân kent een dergelijk boek: “Friese plaatsnamen” (K.F. Gildemacher, 2007). Klassieke boeken zijn “Nederlandse plaatsnamen”(H.J. Moerman, 1956) en “Veldnamen in Nederland”(M. Schönfeld, 2e druk, 1980). Lokaal verschenen talloze boeken, boekjes en artikelen met waardevolle informatie. Een zeer goed beeld van hoe een gemeente tot nieuwe aardrijkskundige namen komt, geeft de brochure “Marken, dreven, kanten en pieren” (B. Scholten, 2010). Niet alleen wordt beschreven hoe de gemeente Almere tot straatnamen kwam, maar ook welke criteria de commissie bij het voorstellen van straatnamen hanteert en met welke argumenten men het gemeentebestuur adviseert.